De kunst van het (mee)doen
- Edith Gloerich

- 26 mrt
- 2 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 27 mrt
“Ik ben er niet zo goed in hoor, maar ik vind het zo heerlijk!” hoorde ik een bugeliste zeggen die met haar kleinzoon samen in de Doe Maar Mee Band speelt.
Hoe geweldig is dat! Met je kleinzoon in een orkest spelen. En waarom is dat iets wat we vaak horen; een niveau-ondertiteling? Als een soort excuus. Ik doe het wel, maar…

Ik hoor het mezelf ook nog onlangs zeggen. Ik hou van rennen maar ik ben er niet perse goed in hoor. Waarom doe ik dat? Alsof ik mezelf wil indekken voor een teleurstelling bij mijn “publiek”. Dat ik misschien alleen een interessante gesprekspartner denk te kunnen zijn, als ik er goed in ben…?
Muziek! Wat vind ik ervan?
In westerse landen zijn we gewend als we muziek horen een mening te hebben. Vind ik het mooi? Of is het goed? Dat is een manier van omgaan met muziek die niet verkeerd is natuurlijk maar zeker ook niet de enige manier van luisteren.
Muziek! Ik kan meedoen!
Als vrijwilliger werk ik in een muziekteam dat muziek produceert in allerlei Afrikaanse en Zuid-Amerikaanse stamtalen. Daar heb ik geleerd dat mensen uit die taalgebieden muziek heel anders bezien. Als zij muziek horen, denken ze: Muziek, ik kan meedoen! Het is voor hun als het ware als eten. Iedereen kan het. Iedereen doet het. Het is goed voor de mens en je wordt er blij van!
Ik vertelde dit ook aan de leuke bugelspelende oma tijdens de Doe Maar Mee Band-tour in Brummen en Eerbeek. Dat het geweldig is, dat ze het gewoon doet! En ik zeg het ook nog maar eens tegen de streber in mezelf. (Mee)doen is de kunst!


Opmerkingen